De overheid is de afgelopen jaren nogal eens beticht van inconsistentie over de doelstellingen voor duurzame energie doelstellingen en daaraan verbonden instrumenten. De doelstellingen wijzigen of zijn niet duidelijk en de voorwaarden van instrumenten worden gedurende de rit aangepast of een instrument wordt ingetrokken. Voor een energieproject betekent dit een extra risico. Er kan immers niet worden gebouwd op houding van de overheid. Bovendien kan het intrekken van bijvoorbeeld een subsidieregeling ertoe leiden dat een energieproject ineens niet meer rendabel is. De ontwikkelingskosten zijn hierdoor voor de ondernemer voor niets geweest. Een overheid doet er daarom goed aan bij het opzetten van beleid en het gebruik van instrumenten geen eendagsvlieg te zijn.
Een specifieke rol die een provincie in dit kader kan oppakken is om samen met de gemeenten het beleid en de inzet van instrumenten op elkaar af te stemmen en hierover eenduidigheid uit te stralen. De provincie kan deze coördinerende rol ook goed op zich nemen, omdat er vanuit de regio een goed zicht is op de interlokale aspecten van duurzame energie en energiebesparing. Door in te zetten op coördinatie kan worden voorkomen dat lokale beleidsdoelstellingen niet tegenover elkaar komen te staan. Door een bundeling van lokale belangen kunnen ondernemers van energieprojecten ook beter worden bereikt. Ook richting het rijk kan hierdoor een betere onderhandelingspositie worden verkregen waardoor het makkelijker wordt wetgeving van het rijk aan te laten passen.