In het AO Waterkwantiteit en Wetgevingsoverleg Deltawet was vooral aandacht voor de waterveiligheid. Alle woordvoerders van de aanwezige Tweede Kamerfracties (alleen de Partij voor de Dieren ontbrak) waren blij dat staatssecretaris Atsma, via het Bestuursakkoord Water met cofinanciering door de waterschappen, een gedeelte van het tekort in het dossier waterveiligheid weet op te vangen. Over de dekking van middellange termijn maakt de kamer zich wel zorgen. Volgens Koppejan (CDA) kon de slechte economische situatie geen reden zijn om dijken even niet op orde te brengen.
Het feit dát de waterschappen via het Bestuursakkoord gaan meebetalen aan het Hoogwaterbeschermingsprogramma is met weinig wanklank ontvangen. Maar er is weerstand tegen het door Atsma geschetste eindbeeld waarin de waterschappen het hele Hoogwaterbeschermingsprogramma voor hun rekening nemen. Waterveiligheid wordt gezien als een nationaal belang. Onder het motto ‘wie betaalt, bepaalt’ is het onwenselijk dat het rijk invloed op de nationale waterveiligheid zou verliezen. Over de gevolgen van de cofinanciering op de stijging van de waterschapslasten en de verevening van de lasten tussen de verschillende regio’s werd Atsma echter flink bevraagd.
De Deltawet
In het wetgevingsoverleg over de Deltawet toonde de gehele Tweede Kamer zich verheugd dat met de voorgestelde wijziging van de Waterwet en de Wet Infrastructuurfonds (samen ook wel de Deltawet genoemd) aandacht en middelen voor de waterveiligheid en zoetwateropgave op lange termijn zijn veiliggesteld. Evenals bij het Hoogwaterbeschermingsprogramma, namen vragen over de financiën een belangrijke plaats in tijdens het debat. Meerdere fracties toonden zich ontstemd over het plan om het Deltafonds vanaf 2020 naast de waterveiligheid en zoetwatervoorziening ook voor de financiering van waterkwaliteitsmaatregelen te gebruiken. Een amendement van lid Lucas (VVD) om de waterkwaliteitsmaatregelen uit de bestedingsdoelen van het Deltafonds te halen, lijkt voldoende steun te krijgen.
Desgevraagd gaf de staatssecretaris aan dat de prioriteit op het waterdossier en in het Deltaprogramma vooral bij waterveiligheid ligt. Dit betekent volgens hem niet dat de zoetwatervoorziening en de integrale aanpak van het deltaprogramma onder druk staan. Volgens Atsma zou je wel gek zijn wanneer je kansen om andere doelen mee te koppelen met waterveiligheidsopgaven in het Deltaprogramma niet benut.