Voorbeelden uit de provincie

 
Groningen – Beheersing uitbreiding bedrijventerreinen
De provincie Groningen heeft in haar omgevingsplan een aantal zoekgebieden vastgelegd waarbinnen nieuwe bedrijventerreinen mogelijk zijn. Uitbreiding is alleen mogelijk als er geen ruimte meer is op bestaande of gerevitaliseerde terreinen. Ook moet worden aangetoond dat er behoefte is aan nieuw terrein (door de SER-ladder te volgen). Buiten de aangewezen gebieden is de aanleg van nieuwe bedrijventerreinen in beginsel niet mogelijk.
 
Belangen en rollen
Het provinciale belang is dat er in de provincie voldoende aanbod is van bedrijventerreinen. Tegelijkertijd moet er zuinig en efficiënt gebruik worden gemaakt van de ruimte. De rol van de provincie is deels restrictief: de provincie gaat de aanleg van bedrijventerreinen tegen op plekken waar deze onwenselijk of onnodig zijn, en zorgt ervoor dat er een afwegingskader (de SER-ladder) wordt doorlopen op de overige locaties.
 

GRON-PGDGroningenBTDSC_1470.1.jpgDaarnaast heeft de provincie een monitorende rol en een ondersteunende rol bij de revitalisering van bestaande bedrijventerreinen. Dat gebeurt door subsidies te verlenen en via het Herstructureringsprogramma 2009-2013. Met dat laatste programma geeft de provincie uitvoering aan het Convenant Bedrijventerreinen 2009-2013, in november 2009 gesloten door de provincie, het rijk en de gemeenten. De provincie Groningen adviseert en voert bestuurlijk overleg met gemeenten. Soms wordt dit overleg verankerd in convenanten. Het convenant voor Groningen-Assen ligt al op tafel. Naar verwachting volgt begin 2012 Oost-Groningen.

Resultaat
Voldoende ruimte voor bedrijvigheid op terreinen waar geen leegstand of verpaupering voorkomt. Zuinig en efficiënt omgaan met de ruimte en behoud van landschap en natuur.
 
Marjolijn Tijdens (Natuur- en milieufederaties):
‘De AMvB Ruimte vraagt een stevige inzet van de provinciale verordening als ondersteuning van de regievoering door provincies. De Groningse en Noord-Hollandse aanpak met een instemmingsrecht (via een ontheffingsstelsel) op planniveau geeft hiervoor de meeste garanties.’

 

Fryslân – Gebiedsontwikkeling A7 Sneek
Een goed voorbeeld van een regierol van de provincie is te zien bij de gebiedsontwikkeling van de A7 Sneek. Het gaat hier om de aanleg van een stuk rijksweg, inclusief aquaduct en een aantal viaducten met een bijzondere architectuur. In samenhang hiermee is aangrenzend aan de nieuwe rondweg een herstructurerings- en transformatieopgave uitgevoerd.
FRY-AquaductA7_300dpi1.jpgBelangen en rollen
Het provinciaal belang is dat infrastructuur in Sneek en omstreken goed functioneert, en dat de recreatietoervaart goed mogelijk wordt. Het rijk heeft de regie op de aanleg van deze rijksweg losgelaten. De provincie heeft de projectleiding geleverd, kennis- en vaardigheden ingebracht en bovendien gezorgd voor mee- en voorfinanciering.
 
Resultaat
Het verkeer op de doorgaande wegen stroomt beter door. De leefbaarheid in Sneek e.o. is duidelijk verbeterd. Qua ruimtelijke kwaliteit en kosten is een beter resultaat behaald dan wanneer de regie bij het rijk had gelegen.
 
Sieds Hoitinga (projectmanager Gebiedsontwikkeling A7 Sneek):
‘De uitdaging was om – met de A7 als vliegwiel en binnen het taakstellend budget – een meerwaarde te creëren door bijzondere aandacht te geven aan gebiedsontwikkeling. De mogelijkheden hiertoe zijn optimaal benut met onder andere bedrijventerreinen (De Hemmen), ruimtelijke plannen (Waterstad Sneek) en opvallende architectuur (houten bruggen, aquaduct De Geeuw), Houkemar-Houkepoort.’
 
 
Drenthe – Inrichting Eelder- en Peizermaden

Ontwikkeling van ruim 1.700 hectare natuur, waar kan dat nog? In de kop van Drenthe werken de provincie en het waterschap zij aan zij om de Ecologische Hoofdstructuur te combineren met grootschalige waterberging en herstructurering van een groot landbouwgebied van 5.000 hectare. Beide partijen investeren 13,5 miljoen euro. De gemeenten, terreinbeheerders en Europa betalen een kleine 12 miljoen. De kosten voor het totale project bedragen 39 miljoen euro.

DRENTHE-VIEP_7.jpgBelangen en rollen
Het provinciale belang is de bescherming en waarborging van natuur en waterveiligheid. Dat is ook een nationaal belang. De inrichting van de Eelder- en Peizermaden is een project in het kader van de Wet inrichting landelijk gebied. De provincie voert de regie en heeft alle ruimtelijke ordeningprocedures en de Milieu-effectrapportage gecoördineerd. De provincie Drenthe is samen met het waterschap opdrachtgever van de bestuurscommissie Peize.
 
Resultaat
Droge voeten voor buurprovincie Groningen, kansen voor unieke natuur, een schitterend recreatiegebied met nieuwe fiets-, wandel- en ruiterpaden en toekomst voor de landbouw. Het project wordt uitgevoerd in een voortvarend tempo (krap vier jaar) en in 2012 opgeleverd. 
 
Henk van ’t Land (dijkgraaf Waterschap Noorderzijlvest):
‘Samen hebben we het project getrokken, op basis van vertrouwen en met een goede samenwerking.’

  

Overijssel – Ruimte voor de Vecht
In de gebiedsontwikkeling ‘Ruimte voor de Vecht’ maken dertien partijen (provincie, gemeenten, waterschappen en maatschappelijke organisaties) zich sterk voor het Vechtdal. De gezamenlijke ambitie voor de Vecht is een veilige, herstelde en beleefbare half natuurlijke laaglandrivier, in een Vechtdal dat aantrekkelijk is voor wonen, werken en recreëren.
Overijssel.jpg
Belangen en rollen
Het provinciale belang is de waterveiligheid, bevordering van de regionale economie en behoud van de natuur. Deze belangen zijn door het rijk losgelaten. De provincie inspireert, innoveert en investeert, participeert in de planvorming en financiert uitvoeringsprojecten. Bij projecten rond regionale economie is de provincie uitvoerder, voor ruimtelijke ordening en natuurwetgeving het bevoegd gezag.
 
Resultaat
De met alle partijen gekozen voorkeursvariant wordt uitgevoerd, met als resultaat verlaging van het maatgevend hoogwater van de Vecht. Zowel de landbouwsector als de vrijetijdseconomie in het Vechtdal gaan erop vooruit als de natuuropgaven (EHS, N2000) gerealiseerd zijn.
 
Willem Buunk (hoogleraar gebiedsontwikkeling Windesheim)
‘De manier waarop de provincie de regierol laat leiden door de bovenlokale dimensie van de opgave in het gehele stroomgebied van de Overijsselse Vecht, is leerzaam voor studenten en professionals. Het is een door de inhoud gedreven regie die de relevante bestuurlijke en maatschappelijke partners en bewoners bijeen brengt. Nu wordt het spannend om te zien hoe het programma gaat bijdragen aan keuzes over de herinrichting van en gebiedsontwikkeling in het Vechtdal.’

 

Gelderland – Een nieuw landschapspark: Lingezegen
Park Lingezegen is een groot nieuw landschapspark in aanleg (1.500 hectare). De 160.000 huidige en toekomstige bewoners tussen Arnhem, Elst-Bemmel en Nijmegen gaan er gebruik van maken. Het park biedt ruimte aan mens, water, landbouw en natuur.LingezegenA.jpg
 
Belangen en rollen
Gelderland is trekker van het project. De beide betrokken gemeenten hebben voortvarend hun bestemmingsplannen aangepast. Een apart plan van de provincie was niet nodig.
 
Resultaat
Een schitterend landschapspark tussen Arnhem en Nijmegen, met ruimte voor natuur, recreatie, landbouw en waterberging.
 
Louis en Corrie Dolmans (Stichting Doornik Natuurakkers):
‘Wij zijn er trots op dat we samen met de provincie Gelderland en vele anderen onze droom hebben kunnen verwezenlijken: ruim 20 hectare natuurlijke graanakkers, omzoomd door kruidenrijke randen en heggen. Het is gelukt door de ambitie van de provincie om tussen Arnhem en Nijmegen een park aan te leggen. De belangrijkste voorwaarden voor het succes waren goede contacten en korte lijnen, zowel met de medewerkers van de parkorganisatie als met gedeputeerde Co Verdaas, wiens persoonlijke betrokkenheid ons heel erg goed heeft gedaan.’

 

Flevoland – Opschalen en saneren van windmolens
Iedereen die naar Lelystad of verder rijdt ziet het: Flevoland is de grootste windprovincie van Nederland. De komende jaren groeit het windvermogen verder van 600 MW naar 1200 MW. Bij Windpark Noordoostpolder en bij Zuidlob in Zeewolde (de grootste windparken van Nederland) heeft de provincie een sleutelrol gespeeld. De volgende uitdaging is herstructurering van bestaande windmolens. Onder provinciale regie is een verkenning gestart. Vooruitlopend daarop is het eerste herstructureringsproject avant la lettre begonnen: windpark IJsselmeerdijk. De provincie heeft het voortouw genomen om samen met gemeenten, het rijk en ontwikkelende partijen de kaders voor herstructurering te bepalen.

FLE-Irene_Vorrink.jpg

Belangen en rollen
Duurzame energie en landschap staan bij de ontwikkeling van windenergie centraal. De provincie zorgt voor een regiovisie met een innovatief ruimtelijk kader. Dat vereist dat gemeenten, boeren, marktpartijen en het rijk op één lijn komen. De provincie is initiator en mede-bevoegd gezag voor de ruimtelijke ordening.
 
Resultaat
Meer duurzame energie met minder windmolens, en een goede landschappelijke inpassing.
 
Douwe Monsma (voorzitter Windpark Zuidlob):
‘Voor het project Zuidlob werkte het pilotproject goed. Dat is op verzoek van de provincie gebeurd door de inschakeling van de taskforce van SenterNovem. Vervolgens zijn in gezamenlijk overleg tussen de gemeente, de provincie en de initiatiefnemers de plannen uitgewerkt en bestuurlijke afspraken gemaakt. Op aandringen van de provincie is de rijkscoördinatieregeling gestart. Dat heeft geholpen om het project binnen afzienbare tijd te realiseren.’
 
Janneke Wijnia-Lemstra (voorzitter Koepel Windenergie Noordoostpolder):
‘Windpark Noordoostpolder is een voorbeeld van de uitvoering van lokaal vastgesteld ruimtelijk beleid voor windenergie. Om de vele aspecten bij de ontwikkeling van dit windpark en de voorbereiding van de vergunningenprocedures goed af te stemmen, is een stuurgroep ingesteld met rijksoverheidspartijen, provincie en de gemeente Noordoostpolder, onder leiding van de provincie. Zo’n stuurgroep is een must om grote projecten te starten. De provincie had een goede regierol.’
 
Henk Kouwenhoven (NUON):
‘Het Plan van Aanpak voor IJsselmeerdijk is onder leiding van de provincie tot stand gekomen. Het illustreert dat de provincie met oog voor de lokale windindustrie haar eigen doelstellingen realiseert. Het is een beleidsdocument waar windenergie niet onderaan de lijst staat en nodigt de betrokken marktpartijen uit een passend projectvoorstel te maken.’

 

Utrecht – Verbetering ruimtelijke kwaliteit in het Hart van de Heuvelrug
In het programma Hart van de Heuvelrug werken 17 partijen, zoals gemeenten, zorginstellingen, het bedrijfsleven en natuurorganisaties, samen onder regie van de provincie. Het programma omvat 25 projecten die de ruimtelijke kwaliteit in het hart van de Heuvelrug verbeteren: van ecoduct tot bedrijventerrein, van nieuwe natuur tot woningbouw. Het is een aanpak waarin zorg, wonen, natuur, recreatie en bedrijvigheid in balans zijn.
UTR-0905905_Soesterberg1.jpg
Belangen en rollen
Defensie, EL&I, Domeinen en zorginstellingen zijn nauw betrokken. Het rijk heeft vliegbasis Soesterberg afgestoten. Zorginstellingen zijn aan het vermaatschappelijken. Bekende rollen zijn losgelaten. Provinciale belangen komen samen: de Ecologische Hoofdstructuur, recreatie, woningbouw, de accommodatie van zorginstellingen en meer.

De provincie faciliteert het programma en trekt de meeste groene projecten. Daarbij zijn de provinciale Ruimtelijke Structuurvisie, de verordening en de EHS-saldobenadering de instrumenten, naast financiële inzet. Er hoeft geen rijksgeld bij, door gebruik van het rood voor groen-principe: de ‘rode’ ontwikkelingen (woningbouw en bedrijventerreinen) betalen de ‘groene’ investeringen.

Resultaat
Er komt meer, aantrekkelijk en onderling verbonden groen; op strategische plaatsen komt woningbouw en een bedrijventerrein. Er vindt een herschikking van functies plaats, de Ecologische Hoofdstructuur wordt versterkt en de recreatiemogelijkheden nemen toe.
 
Marco Glastra (directeur-rentmeester Stichting Het Utrechts Landschap):
‘De provincie is zich bewust van de balans tussen rood en groen. Meer nog dan de rijksoverheid waakt zij over de groene kwali­teiten. Bijvoorbeeld door consequent om te gaan met rode contouren. In het programma Hart van de Heuvelrug, onder regie van de provincie, is er ontwikkelruimte voor rode functies. Maar dan zo dat er per saldo geen meter bebouwing bijkomt en de opbrengsten gaan naar het groen. Dat met draagvlak van een coalitie van 17 partijen van gemeenten, ministeries, zorginstellingen, bedrijfsleven en natuurorganisaties. Een succesvol programma met tastbare resultaten, dankzij de provincie Utrecht.’
 
Jan Duenk MHA (Voorzitter Raad van Bestuur Abrona):
‘Zonder inmenging van de provincie zou Hart van de Heuvelrug nooit van de grond zijn gekomen. Het overkoepelende belang van de provincie overstijgt de individuele belangen van de partners. Het verbinden van die belangen tot een geheel dat groter is dan de deelbelangen, zie ik echt als een kwaliteit van de provincie. De fysieke schaalgrootte is op dat niveau te overzien en de afweging van de belangen is in een juist perspectief.’

 

Noord-Holland – Behoud en ontwikkeling van de Stelling van Amsterdam
De Stelling van Amsterdam, grotendeels in de provincie Noord-Holland gelegen, is een verdedigingslinie van 135 kilometer lang, met 42 forten. De Stelling is sinds 1996 Werelderfgoed en sinds 2005 een Nationaal Landschap. De provincie Noord-Holland is ‘siteholder’ (eerstverantwoordelijke) van dit UNESCO-Werelderfgoed.

NH-spaarndam-nP7110362.jpg

Belangen en rollen
De Stelling van Amsterdam is als Werelderfgoed van rijksbelang. Het belang van het Nationaal Landschap is echter door het rijk losgelaten. Sinds 2005 levert de provincie geld en menskracht voor het behoud en de ontwikkeling van dit Werelderfgoed. De provincie Noord-Holland heeft sinds 2008 het ruimtelijk beleid voor de Stelling van Amsterdam vastgelegd en de Stelling als provinciaal belang opgenomen in de Provinciale Structuurvisie 2040 (2010).

De provincie heeft de rol van bevoegd gezag voor de ruimtelijke ordening, maar treedt ook op als aanjager en makelaar bij het opzetten van projecten die bijdragen aan het behoud en de ontwikkeling van de Stelling. Daarnaast participeert ze soms in projecten, en kan ze co-financier (subsidiënt) zijn bij de uitvoering. Aan autonome provinciale middelen voor behoud en ontwikkeling van de Stelling heeft de provincie sinds 2005 ruim 19 miljoen euro beschikbaar gesteld.

Resultaat
Behoud en ontwikkeling van het Werelderfgoed Stelling van Amsterdam, waarbij het karakteristieke open en groene landschap van de Stelling behouden blijft. Recreant en toerist kunnen dit open landschap beleven. Daarnaast worden de forten en andere (waterstaatkundige) werken van de Stelling in goede staat behouden en openbaar toegankelijk gemaakt voor het publiek, onder meer doordat deze forten nieuwe functies krijgen.
 
Tjeerd Talsma (gedeputeerde Ruimtelijke Ordening):
‘Ons werelderfgoed De Stelling van Amsterdam heeft van de provincie Noord-Holland een strikte bescherming gekregen. Daarnaast investeren we fors in de recreatieve ontwikkeling van De Stelling.’

 

Zuid-Holland – Combinatie van hoogwaardig openbaar vervoer en ruimtelijke ontwikkeling in StedenbaanPlus
StedenbaanPlus is een integraal programma voor hoogwaardig openbaar vervoer, gecombineerd met de ruimtelijke ontwikkeling in Zuid-Holland. Door deze combinatie worden knooppunten van openbaarvervoer aantrekkelijke locaties voor de bouw van woningen, kantoren en voorzieningen. Omgekeerd zorgt stedelijke verdichting bij deze knooppunten voor meer reizigers voor het openbaar vervoer en een betere bereikbaarheid.
 
ZH-P1070275Stedenbaan.jpgBelangen en rollen
StedenbaanPlus werkt aan een samenhangend en hoogwaardig netwerk van NS-Sprinters, lightrail, metro’s, trams en bussen. Het netwerk wordt het aantrekkelijke alternatief voor reizigers in de zuidelijke Randstad. De mobiliteitsgroei in de Zuidvleugel en in de gehele Randstad is er (deels) mee op te vangen.

StedenbaanPlus stimuleert de bouw van woningen, kantoren en voorzieningen rondom openbaarvervoerknooppunten. De provincie Zuid-Holland speelt een richtinggevende rol: ze heeft ervoor gekozen om 80 procent van de nieuwe woningen binnenstedelijk te realiseren (waarvan de helft rondom StedenbaanPlus-stations) en tevens een beperkt aantal nieuwe kantorenlocaties bij openbaar-vervoerknooppunten te stimuleren. De aanpak zorgt voor een grotere aantrekkelijkheid van de stationsgebieden, met een focus op maatregelen door lokale en regionale overheden, evenals voor duidelijkheid bij vastgoedontwikkelaars. De betrokken overheden voeren in de Zuidvleugel een dialoog met vastgoedpartijen om – in de huidige stagnerende bouwmarkt – de bouw rond OV-knooppunten een impuls te geven. De partijen hebben afgesproken dat zij de maatregelen rond bouwen bij OV-locaties in de Zuidvleugel op elkaar zullen afstemmen. Daarmee willen ze de realiseringskans van deze locaties vergroten. De provincie vervult een stimulerende rol.

Resultaat
De StedenbaanPlus-activiteiten dragen eraan bij dat de Zuidvleugel zich verder kan ontwikkelen tot een aantrekkelijke Europese regio, met voldoende woningen en kantoren en hoogwaardige voorzieningen op aantrekkelijke locaties rond stations en haltes van hoogwaardig openbaar vervoer. Het programma verbindt zo wonen, werken en recreëren. Het bouwt aan een economisch sterke en bereikbare Zuidvleugel.
 
Arno Brok (voorzitter Bestuurlijke Commissie StedenbaanPlus):
‘Stedenbaan-Plusstations zijn de planologische ruggengraat voor het binnenstedelijke bouwen, maak langjarige afspraken over de bouwlocaties die met prioriteit ontwikkeld worden en zorg voor een flexibele invulling door een coalitie van belanghebbenden.’

 

Zeeland – Integrale gebiedsontwikkeling Waterdunen
In het project Waterdunen werkt de provincie Zeeland samen met de gemeente, het waterschap, een recreatieondernemer en Het Zeeuwse Landschap aan integrale gebiedsontwikkeling voor recreatie en natuur, gekoppeld aan kustversterking.
ZEE-Bird-eye_view_Waterdunen.jpg
 
Belangen en rollen
Versterking van de regionale economie, bevordering van recreatie en toerisme, bescherming van landschap en natuur – dat zijn de belangen die met dit project gemoeid zijn. Nationaal Landschap is een losgelaten rijksbelang, maar de natuur in Waterdunen maakt (deels) deel uit van een internationaal verdrag, waarvoor het rijk de eerstverantwoordelijke is (en blijft).

De provincie zet een inpassingsplan in met een exploitatie- en beeldkwaliteitsplan. Ze coördineert en is bevoegd gezag voor de Onteigeningswet, de ontgrondingenvergunning en het onttrekkingsbesluit, is medefinancier en was aanjager voor het verkrijgen van rijkssubsidies. De provincie Zeeland trekt het project en de samenwerking met de vier betrokken partijen, doet de communicatie en participatie, is verantwoordelijk voor de uitvoering van het natuurdeel (inclusief de ontsluiting) en regelt de grondverwerving voor het natuur- en recreatiedeel.

Resultaat
Versterking van de waterveiligheid, stimulering van de regionale economie en ecologie (natuurherstel Westerschelde) door duinaanleg, aanleg van toegankelijke getijdennatuur en hoogwaardige verblijfsrecreatieve voorzieningen.
 
Jaap Verherbrugge (voorzitter van de werkgroep Waterdunen-Groede):
‘Waterdunen is een grote erkenning voor Zeeuws-Vlaanderen, met een ongekend grote potentiële spin-off voor dit krimpgebied. Ontneem ons die kans niet.'
Noord-Brabant – Regionale samenwerking
Conform de provinciale Verordening Ruimte worden elk jaar in regionaal verband afspraken gemaakt (of geactualiseerd) over woningbouw, werklocaties en landschap. Met de gemeenten werkt de provincie in regionaal verband ook aan een breed gedragen agenda. Voor bedrijventerreinen gaat Noord-Brabant verder. Omdat ruimte schaars is, wil de provincie voorkomen dat er bedrijventerreinen worden bijgebouwd terwijl oude terreinen verloederen. Herstructureren is een goede oplossing.
vdb_bouwlocatieNoordBrabant_01.jpg
 
Belangen en rollen
Onder de noemer ‘naar een realistisch, regionaal afgestemd woningbouwprogramma’ heeft de provincie de ontwikkeling van de plancapaciteiten al langer op de agenda staan. Daarbij wordt zowel gekeken naar kwantiteit (overcapaciteit) als kwaliteit (aansluiting van vraag en aanbod).

Voor werklocaties voert de provincie eenzelfde regierol als bij wonen. Om de gewenste herstructurering op gang te brengen, heeft Noord-Brabant binnen de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM) de oprichting van een Kennis- en adviescentrum Herstructurering mogelijk gemaakt. Het kenniscentrum adviseert gemeenten en terreinbeheerders en is trekker van herstructureringsprojecten. Daarnaast hebben de provincie en de BOM de Brabantse Herstructureringsmaatschappij voor Bedrijventerreinen (BHB) opgericht.

Resultaat
De laatste jaren is de plancapaciteit voor woningbouw in Noord-Brabant verminderd. De capaciteit bereikte in 2008 haar hoogtepunt met 217.000 woningen. Nu is er een afname van ruim 22%. Mede door de financieel-economische crisis kijken vrijwel alle gemeenten kritisch naar het woningbouwprogramma en de plancapaciteit. Er komt meer realiteitszin in de gemeentelijke woningbouwambities en -plannen. De omvang van de plancapaciteit sluit steeds beter aan op de benodigde capaciteit.

Bij de bedrijventerreinen is het doel om in 2015 1.750 hectare bedrijventerrein te herstructureren. Eind 2010 stond de teller op 897 (bruto) hectare.

Jan Pelle (directeur NV BOM / BHB BV):
‘Brabant heeft het begrepen: herstructurering is maatwerk. Zo kan het nationale Convenant Bedrijventerreinen proactief worden uitgevoerd. Via de uitvoeringsorganisatie BOM kiest de provincie voor versterking van de initiatieven bij bedrijven en gemeenten. De uitvoering is voor jaren verzekerd, door bindende afspraken over uitvoering en financiering.’
 
Joop Velthoven (wethouder Ruimtelijk Beleid en Volkshuisvesting Dongen):
‘De vermindering met 17.000 woningen in de planning voor de regio Midden-Brabant, zou moeizamer zijn verlopen als de provincie niet het belang had benadrukt om er gezamenlijk uit te komen. Hoewel de regio zelf aan een oplossing werkte, is de regierol van de provincie doorslaggevend geweest.’ 
 
 
Limburg – Gebiedsontwikkeling Ooijen-Wanssum
De provincie Limburg heeft met de gebiedsontwikkeling Ooijen-Wanssum vragen rond rivierverruiming, (twee hoogwatergeulen en de reactivering van de Oude Maasarm), landschapsontwikkeling, infrastructuur en sociaaleconomische ontwikkeling integraal opgelost. Daarmee boekt ze een beter én goedkoper resultaat.
LIM-wanssum_hoogwater_4.jpg
 
Belangen en rollen
Ontgrondingen, natuurontwikkeling, infrastructuur en ruimtelijke ordening – het zijn allemaal provinciale belangen die in dit gebiedsontwikkelingsproject samenkomen. Verruiming van de rivier ter voorkoming van overstromingen is een rijksbelang, dat door het regionale/provinciale gebiedsplan wordt gediend. Het wordt nader uitgewerkt in een provinciaal inpassingsplan (en zonodig in een Structuurvisie). De provincie heeft verder de rol van participant en vergunningverlener. Via het regiofonds en het fonds majeure projecten brengt de provincie Limburg eigen middelen in.
 
Resultaat
Een klimaatbestendig gebied dat beveiligd is tegen hoogwater, terwijl het tegelijk een hoge landschappelijke kwaliteit en een grote economische draagkracht heeft.
 
Leon Lintjens (wethouder gemeente Horst aan de Maas):
‘Gemeenten hebben niet het gewenste kennisniveau voor deze complexe materie. Ze blijven te veel in het eigenbelang hangen. De provincie neemt ons mee in een proces waardoor we het grotere doel zien. Ze laat ons beseffen dat we zonder samenwerking dat doel niet kunnen realiseren. De Haagse netwerken en contacten van de provincie leveren een cruciale meerwaarde op. Die hebben wij als gemeente niet – en we kunnen die ook niet ontwikkelen.’