Samen aan tafel!
IPO Zomercolumn Hans Leeflang

Dit jaar, het jaar 2015, is het Jaar van de Ruimte. De aanleiding? 2015 was de planning horizon van de grote rijksnota’s uit eind jaren tachtig van de vorige eeuw. Het motto van de Vierde Nota over de Ruimtelijke Ordening van ons land was: “Nederland in 2015, daar wordt nu aan gewerkt”. En gewerkt hebben we: Nederland is drastisch verbouwd.  De metamorfose van ons land is indrukwekkend. In het Jaar van de Ruimte kijken we 25 jaar terug, 25 jaar vooruit en vooral heel goed om ons heen. Nederland in 2040, waar en door wie wordt daar nu aan gewerkt?!

Het Jaar van de Ruimte is 15 januari gestart met een prachtige bijeenkomst in Amsterdam in een volle Beurs van Berlage en zal afgesloten worden in de Rijtuigenloods in Amersfoort op 15 december. Noteer die datum. Nu halverwege het Jaar worden enkele lijnen naar de toekomst al goed zichtbaar. Allereerst de belangrijkste opgaven voor ons land op weg naar 2040. Duidelijk is, dat de verbouwing van Nederland door zal gaan. Denk alleen maar aan de energie- en wateropgaven. Duidelijk is ook, dat de nieuwe tijd van alle partijen nieuw repertoire vraagt. Dus ook van de ambtelijke organisaties, de bestuurders en de volksvertegenwoordigers.

In- en uitzoomen
De toekomst van ons land vraagt van alle betrokkenen vooruit kijken,  integrerend denken en overeenkomstig- dus toekomstgericht en in samenhang- handelen. En daar zit voor de overheid inmiddels een flink probleem. Korte termijn en sectoraal denken zijn dominant. Tijdens de debatten voor de provinciale staten verkiezingen viel me op, dat de meeste lijsttrekkers hun provincie in het centrum van de wereld plaatsten. Van politici, bestuurders en ambtenaren mag worden verwacht, dat zij in en uit kunnen zoomen, dansend door de schalen, zowel oog hebben voor de individuele mens en het detail, als voor het grote verband en het publieke belang.
 
Kokers
Bij het lezen van de in de provincies gesloten college-akkoorden valt op dat de meeste beleidsdomeinen, zoals water, verkeer, milieu, ruimte, natuur, landbouw, als nevengeschikt worden gezien en in dienst van de economie.  “Ruimte” en ook “milieu” als sector. Dat in kokers denken is ook bij het rijk dominant. En wordt versterkt door de ministeriële verantwoordelijkheid. Ieder moment kan anno 2015 nog steeds een stammenstrijd tussen ministeries uitbreken. Provincies en ook gemeenten hebben  een collegiaal bestuur. Een samenwerkingsvorm, die meer integrerend handelen mogelijk zou moeten maken.
 
Omgevingsvisie
2015 wordt een bijzonder Jaar voor de ruimtelijke ontwikkeling van ons land. Er vanuit gaande, dat Tweede en Eerste Kamer instemmen, beschikken we binnenkort over een nieuw wettelijk kader: de Omgevingswet. Die wet, met z’n omgevingsplannen en -visies vraagt om een brede, samenhangende benadering, over sector grenzen heen. Alle provincies zijn inmiddels bezig met “hun” omgevingsvisie en we zijn ook samen begonnen met de voorbereiding van een nationale omgevingsvisie. 2015 wordt ook bijzonder omdat het bewustzijn bij de vakgemeenschap van planners en bij de overheden ontstaat dat de aanpak die de afgelopen 25 jaar succesvol was niet meer werkt. De stagnatie in lange termijn gerichte investeringsplannen laat zien, dat die omslag naar een nieuwe aanpak ook urgent is.
 
Aan tafel
Gedurende het Jaar van de Ruimte wordt steeds weer gehoord, dat de tijd van Le Corbusier, van de scheiding van functies voorbij is. Het gaat nu en in de toekomst om verbinden, om verweven van functies waar dat maar mogelijk is. Uit de ervaringen van Mozaïek Brabant haal ik op dat een plaats gerichte aanpak tot meer samenhang leidt dan een sectorale aanpak. Je samen over de kaart van de regio buigen levert voor de “familie van opgaven” mooie samenhangende oplossingen en meer omgevingskwaliteit. Mensen die gewend zijn ruimtelijke plannen te ontwikkelen en uit te voeren kunnen hun integrerend vakmanschap daarvoor inzetten. Vroeger maakten we een onderscheid tussen sector en facet beleid, als bij het onderscheid schering en inslag. Ruimte en milieu stonden toen voor facet beleid. Ik zou zeggen: laten we het facetbeleid opnieuw uitvinden, de verantwoordelijke gedeputeerde (en wethouder en minister) voor de omgevingsvisie een integrerende opdracht geven en ruimtelijke planners aan spreken op hun integrerend vermogen! Voor de toekomst van ons land, de regio en de wereld. Samen aan tafel!
 

Over de auteur: Hans Leeflang is projectdirecteur Jaar van de Ruimte bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu

------------------------------------------------------------------ZON.jpg

Over de 'IPO Zomercolumn': In de ‘IPO Zomercolumn’ wordt vanuit een fris, een
nieuw, of ander perspectief een voor provincies belangrijke dossier belicht. De – speciaal voor deze gelegenheid genodigde –columnist is inhoudelijk betrokken bij en
provinciaal begaan met het dossier. Een overzicht van alle bijdragen aan de 2015 ‘IPO Zomercolumn’ treft u aan op de overzichtspagina.