“130 Kilometer op de snelweg, kost ons koeien"

12 mei 2014

“130 Kilometer op de snelweg, kost ons koeien. Zo simpel is het. Als Den Haag besluit dat auto’s van 100 naar 130 mogen betekent dat meer uitstoot uit de verkeerssector die ik als agrariër niet meer mag gebruiken.” Albert Hooijer, veehouder en vice-voorzitter van LTO Noord in de provincie Noord-Holland onderstreept het agrarisch belang bij de inwerkingtreding van de Programmatische Aanpak Stikstof, maar waarschuwt er tegelijk voor dat “landbouw niet gemangeld wordt tussen verkeer en industrie”. Als vertegenwoordiger van LTO heeft Hooijer de afgelopen jaren samengewerkt met de ‘Partners in het Veld’ (natuur, landschaps- en recreatieve organisaties zoals Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, de terreinbeheerders) en de provincie Noord-Holland ter realisatie van de ‘Agenda Groen’, het natuurbeleid in Noord-Holland.

De samenwerking bij het uitvoeringsprogramma de ‘Groene Uitweg’ (2006), waarbij gezamenlijk gestreefd werd naar vergroting van gebiedskwaliteit, heeft het pad geëffend naar de krachtenbundeling bij de ‘Agenda Groen’ legt Hooijer uit. Hij benadrukt dat er voor alle partijen positieve en negatieve punten inzitten, maar het belangrijkste voor iedereen is de duidelijkheid. “Het grijze mistige gedoe is even over. We kunnen voorlopig vooruit”. Het ‘even’ is gelegen in het feit dat “gedeputeerden maar 5 jaar regeren”. Voor de nieuwe bestuursperiode na de Statenverkiezingen (maart 2015) zijn nog geen nieuwe afspraken gemaakt, maar grote zorgen baart dat Hooijer vooralsnog niet: “de adviezen van de ‘Partijen in het Veld’ zijn overgenomen en de afspraken politiek vastgelegd.”

Dat de ‘Partijen in het Veld’ in hun adviesrol met één gedeelde zienswijze, slechts een paar kernpunten, kwamen ziet Hooijer als een mooi succes. “Je ziet de politici worstelen. Partijen die normaal elkaars tegenstander zijn komen nu met hetzelfde advies. Ja, dan kunnen ze weinig anders dan het advies overnemen.” Voor LTO was de aankoopplicht bij natuurherstel belangrijk. “Er is nu netjes geld voor gebudgetteerd. Voorheen werd de regeling vaak met handen en voeten getreden.” In brede zin stelt Hooijer dat “geen enkele ondernemer vrolijk wordt van de EHS (Ecologische Hoofdstructuur), dus dan kun je maar beter duidelijkheid hebben over hoe het schuitje vaart.”       

Als veehouder verwelkomt Hooijer de decentralisatie van het natuurbeleid naar de provincies. “In de praktijk heb ik nu meer invloed op het beleid. De provincie zit korter op het gebied, het rijk verder weg. Ik heb de indruk dat de provincies redelijk weten waar ze het over hebben.” In zijn LTO-ervaring is de provincie ook altijd een “goede, serieuze partner” gebleken. Kortom, de decentralisatie is een “goede zaak, een verbetering.” Als veehouder heeft hij nu ook meer rust. Hooijer ziet echter ook een verslechtering. “Het opschuiven van de eindtermijn van de EHS naar 2027 creëert weer nieuw grijs gebied. Een ondernemer in een begrensd (EHS) gebied weet nu niet of hij zijn stal wel of niet moet vergroten. Die onduidelijkheid is niet prettig.”

De duidelijke kaders die er liggen met de ‘Agenda Groen’ en de decentralisatie van het natuurbeleid blijft Hooijer prijzen als belangrijkste winstpunt. “Een ondernemer weet weer waar hij aan toe is. Als een ondernemer niet kan investeren is er sprake van achteruitgang.” De duidelijkheid lijkt ook te zijn ingegeven door de financiële mogelijkheden. “De terreinbeheerders die bij het maken van gebiedsafspraken inzien dat de bomen niet tot de hemel groeien.” Hooijer legt uit dat voorheen bij de overgang van landbouw naar natuur er drie keer sprake was van portemonnee trekken: bij het opkopen van een bedrijf, het inrichten van de natuur en vervolgens bij het beheren. Het rijk, de provincie als Sinterklaas. “Nu is op rijksniveau het geld op en de taakstelling bijgesteld. In Noord-Holland is besloten zelf extra eigen middelen in te zetten. Dat is Agenda Groen.”   

‘Agenda Groen’ is een succesvol voorbeeld van provinciale taakuitoefening dat door de provincie Noord-Holland is ingebracht in het gezamenlijk proces van alle provincies en het IPO voor de aanscherping van het profiel van provincies naar de toekomst (“Profiel Provincies”) - zie ook http://www.noord-holland.nl/web/Actueel/Dossiers/Dossier/Nieuwe-Agenda-Groen.htm  Tijdens drie bijeenkomsten zijn de succesprojecten van de provincies op creatieve wijze gepresenteerd voor de uitwisseling van “best practices” en “lessons learnt”. De projecten van de provincies vormen de basis voor Kompas2020. Zo vormen de maatschappelijke prestaties de basis voor de provincie van de toekomst. ‘Agenda Groen’ is op 20 maart gepresenteerd. De heer Albert Hooijer was gastspreker voor de provincie Noord-Holland bij de presentatie op 20 maart 2014.    

Meer informatie over het project en de profielbijeenkomsten op 30 januari, 20 maart en 3 april 2014 op de "Profiel Provincies"-pagina      


Gerelateerde berichten

Johan Remkes is voorlopig IPO-voorzitter

17 november 2017 - Johan Remkes is IPO-voorzitter voor de duur van de vaststelling van het interbestuurlijke programma. In dit programma maken het Rijk en de decentrale overheden afspraken over de opgaven in het regeerakkoord die om een gezamenlijke aanpak vragen. Belangrijke aanleiding hiervoor is de ‘Gezamenlijke investeringsagenda naar een duurzaam Nederland’ van de koepels van decentrale overheden.    
Lees meer

Provincies op koers met realisatie Natuurnetwerk Nederland

14 november 2017 - De provincies liggen ruim op schema met de inrichting van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De daling van de gemiddelde natuurkwaliteit, die sinds 1994 is ingezet, is inmiddels gestopt. In sommige gebieden neemt de kwaliteit zelfs licht toe. Bij een aantal individuele ecosystemen, zoals open duin en heide, is deze positieve trend nog niet zichtbaar. Dat zijn de belangrijkste conclusies uit de jaarlijkse voortgangsrapportage van het Natuurpact. 
Lees meer

Decentrale overheden vragen minister Ollongren om goede afspraken

10 november 2017 - Provincies, gemeenten en waterschappen willen snel goede afspraken maken met het nieuwe kabinet over de toekomstige samenwerking met het Rijk. Minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties heeft in een eerste kennismaking onderstreept dat zij graag op basis van gelijkwaardigheid tot afspraken wil komen.
Lees meer