Circulaire economie: samenwerking nodig voor versnelling

15 mei 2018

Om ontwikkelingen van de circulaire economie te kunnen versnellen is samenwerking tussen provincies nodig. “Want provinciaal beleid is interessant voor ondernemers, maar provinciegrenzen zijn dat niet”, zo stelde gedeputeerde Jan-Nico Appelman in de provincie Flevoland. Op 26 april heette hij als IPO-portefeuillehouder circulaire economie de deelnemers welkom aan de werkbijeenkomst circulaire economie. Projectleiders circulaire economie en inkopers van de provincies kwamen in Assen bijeen om gezamenlijk vervolgstappen te nemen voor het realiseren van een circulaire economie. De projectleiders hebben zich vol enthousiasme gecommitteerd aan de trekkersrol voor belangrijke thema’s.

Appelman stelde dat circulaire economie voor alle twaalf provincies een speerpunt is en dat samenwerking nodig is om te kunnen versnellen en een bijdrage te leveren aan de nationale opgave. Sander de Rouwe, gedeputeerde in provincie Fryslân, sprak over de grondstoffenstroomanalyse van de noordelijke provincies, waarmee zij de kansen voor waardeketens in kaart brengen. De Rouwe enthousiasmeerde provincies die nog geen grondstoffenanalyse hebben gedaan om deze  te laten uitvoeren. Er werd zelfs voorgesteld om een gezamenlijke grondstoffenstroomanalyse te laten doen van niet drie, maar alle twaalf de provincies.

Cruciale rol
Marc Pruijn van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) presenteerde de nationale opgaven en uitdagingen van het realiseren van een circulaire economie. Pruijn stelde dat provincies hierin een cruciale rol spelen. ”Samenwerking, heldere doelen en een samenhangende aanpak zijn nodig om stappen te kunnen zetten. Er moeten kringlopen op het goede schaalniveau worden gesloten: zo klein als mogelijk en zo groot als nodig. Daarnaast moet een integrale gebiedsaanpak worden opgesteld om binnen en tussen ketens en met andere thema’s te verbinden. Het ‘Versnellingshuis’ [van het ministerie van IenW, red]  biedt mogelijkheden om hier doorbraken in te creëren.” Vol vertrouwen vervolgde hij: “Circulaire economie zit al in ons bloed, aangezien we als Nederlanders het liefst zo min mogelijk verspillen.”
 
Aanjaagbrief staatssecretaris
Harry de Vries, inkoopadviseur van provincie Fryslân, sprak namens het Inkoopplatform van de Provincies (IPP) over de uitdagingen van circulaire inkoop. De Vries bracht naar voren dat de beleids- en uitvoeringskant beter moeten worden verbonden om stappen te kunnen zetten in de ontwikkeling van een circulaire economie. De aanjaagbrief van staatssecretaris IenW Stientje van Veldhoven om vanaf 2030 per jaar 1 Megaton CO2-uitstoot te besparen met circulair inkopen, is positief ontvangen door het IPP. Het IPP juicht toe dat concrete categorieën zijn genoemd die richting geven. “Wel moet worden voorkomen dat circulair aanbesteden leidt tot een administratieve lastenverzwaring.”
 

26 april circulaire economie.jpg

Ook Saskia Ras van het ministerie van IenW ging in op de brief van de staatssecretaris. Zij moedigde provincies aan om deel te nemen aan de Green Deal Circulair Inkopen 2.0, om concrete doelen te behalen voor de reductie van CO2-uitstoot. Ras: “Een doelstelling als ‘10% circulair inkopen’ blijft te vaag en het is daarom van groot belang dit concreet te duiden.”

Aan het werk Tijdens het tweede deel van het programma werden de mouwen opgestroopt en gingen de deelnemers met elkaar aan het werk. Projectleiders presenteerden in korte pitches op welke van de vijf transitieagenda’s hun provincies actief zijn, welke waardeketens zij willen creëren en welke samenwerking zij tot stand willen brengen met andere provincies. Een scala aan onderwerpen passeerden de revue. Provincies deelden met elkaar wat er speelt en ontdekten aan welke onderwerpen zij samen kunnen werken. Ook deelden provincies hun best practices en leerden zo van elkaars ervaringen. Na de pitches gingen de provincies aan de slag met het ‘inkleuren’ van een blanco kaart van Nederland. Elk van de vijf transitieagenda’s kreeg een kleur toebedeeld.  Met post-its, punaises en draden konden projectleiders aangeven op welke transitieagenda’s zij actief zijn, waardeketens duiden en verbindingen leggen met andere provincies. Vervolgens zijn hier verschillende onderwerpen uit gedestilleerd waarover afspraken worden gemaakt.

knutselfestijn.jpg

Trekkers en vervolgstappen
Per thema en transitiepad zijn trekkers benoemd voor de vervolgafspraken. Voor de transitieagenda’s houden vijf trekkers zich bezig met de thema’s  ‘circulaire woningen’ (Bouw), ‘eiwitten’(Biomassa en voedsel), ‘groene grondstoffen’ (Consumptiegoederen),  textiel, plastic’ (Kunststoffen) en ‘Hightech systemen en materialen (HTSM)’ (Maakindustrie). Overige thema’s die naar voren kwamen zijn: ‘circulair inkopen en launching customership’, ‘human capitalagenda’, ‘activatie van het MKB’, ‘duiding van grondstoffenstroomanalyses’ en ‘regiodeals’. Met veel energie hebben de projectleiders circulaire economie zich hieraan gecommitteerd en aangegeven deze onderwerpen te willen trekken. Voor het thema ‘monitoring’ sluit het ministerie van IenW aan.

Medio juni organiseert het IPO een volgende werkbijeenkomst om de afspraken te borgen. 

Lees ook: Wat gebeurt er al op ‘de weg naar’ een circulair Nederland in 2050?

Voor meer informatie en vragen kun je contact opnemen met Roos Beek: rbeek@ipo.nl.


Gerelateerde berichten

Brightlands maakt Limburg sterk en concurrerend

10 september 2018 - Vier campussen; één organisatie voor open innovatie op het gebied van wereldwijde uitdagingen zoals duurzaamheid. Dat is Brightlands. De vier campussen hebben elk hun eigen expertise: voeding in Venlo, smart services in Heerlen, gezondheid in Maastricht en chemie en materialen in Sittard-Geleen. Op elke campus houden onderzoekers, ondernemers en studenten zich bezig met innovatie op hun eigen gebied, maar waar mogelijk in samenhang met elkaar. Zo werken ze samen aan een economisch sterke en concurrerende provincie.
Lees meer

‘Zonder EFRO wordt het moeilijk voor de provincies’

07 september 2018 - Krijgen provincies vanuit Europa straks nog geld voor innovatie en regionaal economisch beleid? Dat zal op 12 oktober tijdens het IPO Jaarcongres de hamvraag zijn tijdens de workshop over het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). Voorafgaand aan het congres vertelt Sidony Venema, medewerker bij het Huis van de Nederlandse Provincies in Brussel, waarom EFRO zo belangrijk is voor de provincies. “Juist in Nederland heeft EFRO heel veel effect gehad”
Lees meer

EFRO helpt lichtchip van de grond te krijgen

03 september 2018 - Voor provincies staat er de komende tijd het nodige op het spel. Er wordt onderhandeld over de Europese fondsen voor de periode 2021-2027. Het Europese fonds Regionale Ontwikkeling (EFRO) is van groot belang voor onze regionale economische groei en werkgelegenheid. Maar: in hoeverre blijven de bijdragen hieraan vanuit Europa behouden? Het IPO verzamelde voorbeeldprojecten die laten zien hoe waardevol EFRO is als fundamentele pijler onder de regionale economie. Zesde deel van een serie: hoe EFRO nog snellere micro-chips van de grond helpt te krijgen.
Lees meer