Provincies onderschrijven ongelijke regionale spreiding cultuursubsidies en infrastructuur

24 november 2016

Tijdens het wetgevingsoverleg op 21 november over de cultuurbegroting 2017 uitte de Tweede Kamer haar zorgen over de geringe regionale spreiding van landelijk cultuurgeld. Zo besteedt het Rijk 0,80 euro per Drent en 41,00 euro per inwoner van Noord-Holland. Provincies kaartten deze onevenwichtige spreiding al eerder aan tijdens een hoorzitting over de toekomst van de cultuurfondsen begin november.

Net als vorig jaar stelt de Kamer extra budget voor ter reparatie van de culturele infrastructuur in 2017-2020, alleen wil de Kamer dit keer vermijden de verdeling ervan zelf te doen. De kamer verwijst de cultuurfondsen ook naar de verschillende regionale voorstellen van stedelijke regio’s voor het fundamenteler versterken van hun aantrekkingskracht en culturele klimaat.

Opvallend verschil met 2016 is echter dat een omvangrijk amendement Van Dijk-Pechtold afkomstig is van de oppositie. Het amendement beoogt 14 miljoen euro extra vrij te maken voor een evenwichtiger spreiding van rijksgelden over de Nederlandse culturele infrastructuur. De coalitie lijkt zich meer op de vlakte te houden over extra geld voor de cultuursector in 2017-2020.

Regio’s centraler in cultuurstelsel
Het IPO is blij met de wens van een meerderheid van de Kamer om werk te maken van regionale spreiding en het meer centraal stellen van plannen van stedelijke regio’s in het cultuurbeleid. De Kamer hecht belang aan regionale plannen die een samenhangende visie bieden op de regionale culturele activiteiten en voorzieningen met mogelijkheden voor alle inwoners. Opvallend is dat de verschillende fracties ook verschillende beelden hebben bij wat een stedelijke regio is of kan zijn, terwijl de minister vooral spreekt over steden zonder regio’s.

Het CDA vindt dat het geld dat wordt uitgegeven aan cultuur terecht moet komen bij iedereen in Nederland. En dat betekent volgens CDA-Kamerlid Van Toorenburg dat er niet ook nog eens langs allerlei andere geldstromen een enorme hoeveelheid geld naar de G4 (Amsterdam, Utrecht, Rotterdam en Den Haag) zou moeten gaan.

De VVD vindt dat het geluid van de regio beter gehoord moet worden door de minister, om in het belang van de cultuursector draagvlak in de Nederlandse samenleving te behouden.

Volgens Kamerlid Vermue (PvdA) is toegankelijkheid van kunst en cultuur voor iedereen belangrijk, omdat ze ons kritisch laat denken en bijdragen aan onze ontwikkeling en zo verschillen tussen mensen overbrugt. Zij constateert dat het stelsel dat daarvoor is ingericht onevenwichtigheden vertoont. Dat komt omdat de cultuurfondsen zich in hun aandachtsgebieden richten op vernieuwing, omdat er aan de Culturele Basisinfrastructuur (BIS) festivals zijn toegevoegd en omdat de financiering van musea in de BIS is gebaseerd op historie. Naast een betere regionale spreiding van subsidies vindt zij het daarom belangrijk dat er regionale cultuurplannen gemaakt worden.

Zowel de Christenunie alsook de Alexander Pechtold (D66) vinden het beter in plaats van centraal te bepalen, aan te sluiten bij regionale ontwikkelingen in stedelijke regio’s, met afstemming tussen overheden en het culturele veld. Pechtold vraagt geleerde lessen in de pilots van samenwerkende partijen in actieve stedelijke regio’s (zoals de samenwerkingsverbanden van steden en provincies in We the North, de proeftuinen in het Oosten, BrabantStad, Limburg en de Metropoolregio Amsterdam) te betrekken bij de herziening van het stelsel.

Kamerlid Grashoff (Groenlinks) wil graag onderzocht hebben hoe je stedelijke regio’s zou kunnen inzetten ter versterking van het vestigingsklimaat en bij krimpvraagstukken buiten de Randstad. Hij sluit daarmee aan bij een initiatief van OCW en I&M om ruimte, cultuur en economische effecten in stedelijke regio’s in samenhang te onderzoeken ten behoeve van onder meer de Nationale Omgevingsvisie (NOVI).

Die breedte spreekt de provincies aan, omdat ze recht doet aan de huidige experimenten in de stedelijke regio’s en meer voor de sector en de inwoners van stad en regio kan betekenen dan enkel het afstemmen van stedelijke en landelijke besluitvorming over instellingen. 


Gerelateerde berichten

Provincies uiten zorgen over regionale omroepfunctie bij Commissariaat voor de Media

07 april 2017 - Een afvaardiging van de provincies heeft een bezoek gebracht aan het toezichts- en adviesorgaan Commissariaat voor de Media (CvdM). Zij gingen in gesprek over de flinke uitdagingen in het regionale medialandschap. Als zelfstandig bestuursorgaan staat het CvdM tussen politiek en media-instellingen. Het Commissariaat ziet er op toe dat de Mediawet wordt nageleefd. Daarbij richt het zich op eerlijke en transparantie verhoudingen tussen publieke en commerciële media-instellingen.
Lees meer

17 miljoen voor toekomstbestendige regionale omroepen

06 december 2016 - Staatssecretaris Dekker (OCW, VVD) krijgt van de Kamer in 2017 eenmalig een samenwerkingsfonds van 17 miljoen als stimulans voor de modernisering van de regionale omroepen. Het IPO vindt dat het er voor de regionale publieke omroepen vooralsnog goed uitziet met extra geld en ruimte voor onderlinge samenwerking binnen het publieke bestel en met private media.
Lees meer

IPO pleit voor ruime opvatting motie versterking regionale journalistiek

30 november 2016 - Tweede Kamerleden Elias (VVD) en Mohandis (PvdA) willen eenmalig 17 miljoen voor samenwerking tussen regionale omroepen beschikbaar stellen. Die motie brachten zij in tijdens het wetgevingsoverleg Mediabegroting op 28 november. Voor een sterke regionale journalistiek vindt het IPO het belangrijk dat de uitvoering van de motie inhoudelijk ook ruimer wordt dan wat staatssecretaris Dekker tot nu toe heeft gezegd. Niet alleen samenwerken om te besparen, maar ook om te innoveren om de regionale journalistiek versterken.
Lees meer